#5 Datingoverdose

Één week, vier mannen, vier dates. Ik word wakker met een flashback van de eerste date gisterenavond en zie de stralende schaterlach van Happy Puppy weer voor me. We stonden aan de bar en wisten niet welk biertje we in de tweede ronde moesten kiezen. De bierlijst was eindeloos en stond bol van ondefinieerbare namen. Ik had voorgesteld om onze ogen dicht te doen en er blind eentje te kiezen. Daar kreeg ik direct spijt van met een bittere IPA als resultaat. Hij vroeg of ik ‘m lekker vond, maar ik trok zo’n zuur gezicht bij de eerste slok, dat ik niets meer hoefde te zeggen. Hij lachte me vierkant uit. Ik zie zijn vrolijke gezicht weer voor me, en draai me nog even nagenietend om in bed.

Good Cop, Bad Cop
Met deze eerste leuke date op zak, heb ik eigenlijk geen behoefte om nog drie andere mannen te ontmoeten deze week, maar ik heb nu eenmaal afgesproken om niet meer op één paard wedden. Goed, de politieagent is de eerstvolgende op het datinglijstje. “Hey Babe”, WhatsAppt-ie in de middag. “Ik ben benieuwd naar jou, mooie vrouw. Ik kan alleen niet meer vanmiddag afspreken, want mijn dienst loopt uit. Kan je morgenmiddag?” Ik bevestig hem dat het prima is. “Zullen we vanavond wel even bellen? Ik wil je graag eerst horen.” Bellen met vreemden is niet mijn cup of tea. Ik versta dingen vaak mis door mijn slechthorendheid en kom niet uit mijn woorden. Erg ongemakkelijk voor een eerste kennismaking. Maar hij staat erop.

“Hi Babe”, begint-ie het telefoongesprek. Dit hele ge-babe van hem, daar moeten we iets aan doen. “Spreek jij vrouwen altijd aan met Babe?” vraag ik. “Ja, vind je dat vervelend? Dat is heel normaal hier hoor, babe. Maar als je het vervelend vindt, zal ik er op letten.” Ik wil natuurlijk niet uit de hoogte doen, maar ik vind het plat. “Graag, dank je wel!” antwoord ik. Zoals het een blauwe diender betaamt, vraagt-ie me het hemd van het lijf. Hij wil weten hoe lang ik ben, wat voor kleur haar ik heb, hoe lang ik in Londen blijf, wat voor man ik zoek en of ik een relatie wil. “Je klinkt heel leuk, Frances. Ik heb zin om je te zien.” Ah, fijn! Nou, ik heb de vragen naar goedkeuring beantwoord en mag morgen met Oom Agent op stap.

No Show
Woensdagmiddag. Ik ben een half uur te vroeg en ga vast op zoek naar een leuke plek. Ik bestel een Tonic aan de bar van een hippe pub in een drukke winkelstraat. De bartender grijpt naar de fles Gin. “Nee, alleen tonic hoor, dank je wel”, zeg ik. Het is niet de eerste keer. Als je hier iets niet-alcoholisch drinkt, moet je het altijd even goed benadrukken. Tonic ZONDER gin. “Ik ben wat vroeg en zit alvast in deze pub”, WhatsApp ik de politieagent. “Geen haast hoor! Ik zie je wel verschijnen. Ik heb een geel jurkje aan. Kan niet missen :)” En dan gebeurt er iets vreemds. Ik zie de welbekende blauwe vinkjes verschijnen achter mijn berichtje, maar dan ineens verdwijnt zijn profielfoto op WhatsApp. De ervaren gebruiker in datingland weet wat dit kan betekenen: ik word geblokkeerd.

Ik stuur hem een kwartiertje later nog een berichtje, maar dan verschijnen er geen vinkjes meer. Zijn profielfoto is ook nog steeds een grijs plaatje met een wit silhouet. Ik krijg een naar, angstig gevoel in mijn lijf. Zit hij me nou echt te blokkeren en laat-ie me gewoon zitten hier? Dit heb ik nog nooit meegemaakt! Maar hij weet wel in welke pub ik nu ben. Straks staat-ie me ergens op een afstandje vanuit zijn dienstauto in de gaten te houden. Of heeft-ie een paar ‘jongens’ om het vuile werk te doen.

In paniek app ik mijn flatmate. “What a complete wanker”, zegt-ie. “Maak je geen zorgen om die sukkel. His loss.” Ik vind het niet eens zozeer erg om die gast zelf. Maar ik vind het geen fijn idee om nu naar buiten te gaan. Ik voel me in de gaten gehouden. Terwijl ik terugloop naar de metro, heb ik het idee dat ik hem overal zie lopen. Elke agent is verdacht. Dit is natuurlijk onzin. Het is gewoon een sukkel die niet het fatsoen had om af te zeggen. En dan te bedenken dat hij via Match, de betaalde datingsite kwam! Ik had het kunnen weten toen-ie me Babe noemde.

Happy Puppy stuurt me ondertussen berichtjes over zijn huizenjacht en vraagt of ik zin heb om hem dit weekend weer te zien. Daar heb ik héél veel zin in. Enige dingetje is, dat ik het hele weekend heb volgepland. Vrijdag heb ik date nummer drie, zaterdag ben ik uitgenodigd voor een BBQ en zondag heb ik date nummer vier. Ik vertel hem natuurlijk niet dat ik die andere dates heb, maar verzin wat anders. “Busy lady!” antwoordt-ie. We spreken af om elkaar volgende week woensdag te zien. Maar nu eerst: vrijdag date nummer drie. Met de IT-er. Hij komt erg leuk over op de app en ziet er goed uit. Hij heeft een strak getraind lijf door martial arts. Het oog wil tenslotte ook wat.

Trust your instinct
Vrijdagavond 20.00 uur. Ik wacht op het station van Richmond, een thuiswedstrijd voor mij dit keer. De IT-er komt aangelopen. Ik herken ‘m meteen, maar tegelijkertijd is hij anders. Nog voor hij een woord heeft gezegd, weet ik al dat dit niets wordt. Noem het een onderbuikgevoel, of intuïtie, maar het voelt niet goed. Hij koopt drie pakjes kauwgom bij de kiosk en stopt de inhoud van bijna één heel pakje in zijn mond. Is dit het moment om de benen te nemen? Te zeggen dat mijn oma ineens in het ziekenhuis ligt en ik per direct weg moet? Nee, dat zou onbeschoft zijn. Laat ik een biertje met ‘m drinken, zo erg kan het toch niet zo zijn?!

We duiken de eerste de beste pub in naast het station. De vloer is glad en donker. Slechts twee van de tientallen tafeltjes zijn bezet. We nemen plaats in een van de hoekbanken met een crèmekleurige, leren bekleding. Op het tafeltje staat een nepbloemetje in een vaas, waarvan de bovenkant een stuk is afgebroken. Mensen lopen in- en-uit. Hier kom je om de tijd te doden bij het uitvallen van een trein.

Hij vertelt dat-ie op Westminster werkt met bekende mensen, al veel hackers heeft ontmanteld en zijn eigen succesvolle business en het opzetten is. Het is hem allemaal niet komen aanwaaien. Ik vraag hem steeds om herhaling en of-ie wat langzamer kan praten, want hij mompelt razendsnel en binnensmonds.

Hij strooit met loftuitingen aan zichzelf. Zijn vader was nét zo welvarend als hij, maar die werd vermoord in Nigeria door mensen die op zijn geld uitwaren. “Ik vertrouw niemand meer en als ik jou was zou ik dat ook niet doen”, eindigt-ie zijn rede. Wacht even, dit gaat me allemaal te snel. Ik weet niet wat wel of niet waar is aan dit hele verhaal, maar ik heb er nu een uur met inspanning naar zitten luisteren, en ik wil hier niet meer zijn. Ik moet ineens denken aan een passage uit het boek van de Britse comédienne Sarah Milligan: “Never stick around somewhere that you instinctively feel is odd or potentially unsafe.”

Escape
“Ik ga even naar de wc”, is zo ongeveer het eerste wat ik tussen zijn verhaal door kan uitbrengen. “En daarna ga ik door. Ik vond het leuk om je te ontmoeten, maar ik heb nog met mijn flatmate afgesproken in een andere pub”, lieg ik. In het kleine hokje praat ik mezelf moed in om ook daadwerkelijk een eind aan deze date te breien. “Zo, ik ga ervandoor, het ga je goed”, zeg ik. Hij staat erop om me naar huis te brengen. “Je kan niet alleen over straat.” Het is nog geen 22.00 uur en ik bevind me in een van de veiligste wijken van Londen. Dat hij dit nu benoemt, zegt meer iets over hem dan de mensen buiten. “Nee, dat hoeft niet. Ga jij naar de wc, ik kom er wel uit”, zeg ik kordaat. Hij gaat naar de wc en ik maak dat ik wegkom.

Zondagochtend. Ik ben moe van alle sociale activiteiten. Date nummer vier, een Italiaan, appt me dat hij niet meer kan afspreken vandaag. Mooi. Ik maak een balans op. Vier dates: 1 weirdo, 2 No-shows en 1 leuke, vrolijke man. Ik had mijn tijd liever anders besteed, maar het heeft me in elk geval één leuke date opgeleverd. Ik kijk uit naar woensdag, wanneer ik weer in de blije ogen van die Happy Puppy kan kijken.

Copywriter Frances (35) is nog steeds single, in tegenstelling tot veel van haar vriendinnen. Ze pakt haar koffers en gaat voor een half jaar naar Londen. Voor het populaire vrouwenmagazine V!VA schrijft ze over haar avontuur vol nieuwe vriendschappen, opmerkelijke dates en leerzame confrontaties.

#4 Kansspelen in datingland

‘You shouldn’t put all your eggs in one basket, dear,’ zegt mijn flatmate. Wat zoveel betekent als: ‘Je moet niet op één paard wedden,’ Oftewel; je aandacht en kansen verspreiden. Hij heeft het natuurlijk over het voorval met de wandelaar. De man die ik zo ongeveer meteen aan de haak had geslagen, nog voordat ik goed en wel in Londen was gesetteld. Tja, hij had mij nu eenmaal op de tweede date al meegenomen naar Windsor Castle, dus ik bouwde mijn eigen luchtkasteel met deze Engelsman. Dat liep nét even anders. De rest is geschiedenis.

Nu gaan we het dus anders aanpakken. Meer mannen en meer dates, is het devies.

Goed, ik blaas het stof van mijn datingapps en ga aan de slag. Tinder staat nog in mijn telefoon. Dat is net als een knipperlichtrelatie. Je bent er eigenlijk klaar mee, maar je wilt er nog niet helemaal afstand van doen. Niet gelijk verwijderen dus, maar even blokkeren. Op een eenzame avond waarin je behoefterig bent deblokkeer je ‘m weer voor de nodige aandacht. Maar, na een paar mislukte dates gaat-ie regelrecht en meedogenloos terug de digitale prullenbak.

Ze zijn natuurlijk niet gek bij die datingapps. Ze weten dat je terugkomt. Hoe vaak je ook afmeldt of uitlogt, al je gegevens – inclusief matches – blijven netjes bewaard en je mag zo vaak terugkeren als je wilt. Wat een service. Was het in het echt ook maar zo makkelijk. Nou, daar gaan we. Ik open mijn profiel en zie daar een paar oude, bekende matches. Oh god, daar heb je die weer. Ik moet schoon schip maken en alles verwijderen, voordat de herinneringen aan hilarische of teleurstellende dates van weleer mij ontmoedigen om door te zetten.

Happy Puppy
Ik ben het nog niet verleerd dat swipen, zoveel is duidelijk. Mijn duim veegt weer op volle toeren – met name naar links, dat is hier in Londen niet anders. Na vier leuke matches, spreek ik er eentje aan die zich “Happy Puppy” noemt. Veelbelovend. Hij heeft in elk geval het reactievermogen van een jonge hond, want hij stuurt me gelijk een berichtje terug. We praten over de geweldige lange zomer, wonen in Londen en Brexit. Het duurt niet lang voordat we een date hebben gepland. Maandagavond gaat hij meenemen naar wat pubs in Covent Garden. Dat klinkt goed!

Maar dat is natuurlijk nog maar één paard. En ik moet dit keer echt even kijken wat er nog meer in de wei staat. ‘Check ook de betaalde datingsites, dan maak je meer kans en betere kwaliteit,’ hoor ik het nog nagalmen. Gisteravond had ik een Ladies Night met een aantal singlevrouwen in de stad en zij waren het er unaniem over eens dat Tinder en Bumble voor seks is, en betaalde sites als Match meer geschikt zijn voor het serieuzere werk. Ik maak een account aan op zowel Match als Bumble.

Kaf van het koren scheiden
Het grootste nadeel van Match wordt me meteen duidelijk: iedereen kan je aanspreken, ook als je die mannen zelf niet leuk vindt. Binnen een paar minuten ontploft de Match-mailbox. Met een snelle scan zie ik wat voor vlees ik in de kuip heb. Iets met het kaf van het koren scheiden. ‘Hey Babe,’ zegt een van de berichtjes. Aangesproken worden met Babe is natuurlijk foute boel, maar laat ik zijn profiel het voordeel van de twijfel geven. Een goed uitziende politieagent die “op zoek is naar iets serieus”. Nou vooruit. We raken aan de praat. ‘Wanna meet up?’, vraagt-ie al snel. Hij gebruikt veel slang. Maar goed, hij is agent. Hij hoort vast niet anders dan straattaal. De kritische copywriter in mij die net een cursus Engelse grammatica heeft gevolgd, moet niet te streng zijn. Ik stel hem voor om dinsdagmiddag een borrel te doen. ‘Okay, Babe,’ antwoordt-ie.

Maandagavond, 18.30 uur. Ik zit in de tube richting Embankment voor mijn date met “Happy Puppy”. Om de tijd te doden chat ik met een IT-er op Bumble. Deze vent heeft intelligente humor, stelt rake vragen en komt erg attent over. Hij stelt voor om vrijdag te daten. ‘Ik ben bij Starbucks, direct uit het station. Tot zo!’ zegt ondertussen een WhatsApp pop-up van mijn andere date. Poeh, ik moet wel scherp blijven met al die verschillende chats en pushberichten van datingapps. Multitasken is niet echt mijn ding. Ik sluit alles af en focus me weer even op het hier en nu.

Een vloeiend en vrolijk begin
Als ik het station uitloop, staat er een geweldig vrolijke en stralende man op mij te wachten. Happy Puppy, geen woord van gelogen. Hij tovert een lach op mijn gezicht. De zomer hangt in de stad en hij neemt me mee door de bruisende straten. We lopen langs groepjes mannen in pak. Hun mouwen zijn opgestroopt. In de ene hand houden ze een pint, de andere hand leunt op een statafel of is in de broekzak gestoken. Ze nemen brallend en lachend de dag met elkaar door. Toeristen proberen ondertussen een weg te vinden door de kleine straatjes met wolkenkrabbers. Ze draaien hun telefoon links- en rechtsom en wijzen van hun mobiel naar iets in de verte. Ze steken abrupt over en vergeten dat verkeer van rechts komt.

We strijken neer op het terras van een pub. Aan de ene kant is deze puppy een vrije, blije spring in het veld. Hij draagt een bijna clownesk vrolijke blouse met een vogeltjesprint. Maar aan de andere kant werkt hij als risico-analyst bij een grote bank in de stad. Hij komt oorspronkelijk uit Parijs, maar hij spreekt vloeiend Engels. Reuze interessant. We lachen keihard over foute dingen die we vroeger gedaan hebben en het voelt alsof ik hem al jaren ken. ‘Hebben jullie al een keuze gemaakt?’ vraagt de ober. We hebben de kaart nog nauwelijks aangeraakt.

De gesprekken vloeien net zoals de biertjes en tijd vliegt voorbij. Tegen twaalven lopen we lachend, arm in arm, terug naar het station. De straatverlichting is aan, maar het is nog onverminderd warm en druk in de stad. ‘Zie ik je snel weer?’ vraagt hij voor de in-checkpoortjes. ‘That would be lovely!’ antwoord ik met een grote glimlach terug. Hij geeft me een lange zoen op mijn mond. Two Happy Puppies.

Copywriter Frances (35) is nog steeds single, in tegenstelling tot veel van haar vriendinnen. Ze pakt haar koffers en gaat voor een half jaar naar Londen. Voor het populaire vrouwenmagazine V!VA schrijft ze over haar avontuur vol nieuwe vriendschappen, opmerkelijke dates en leerzame confrontaties.

#2 Van Royal Date naar afhaalmaaltijd

Om nieuwe mensen in Londen te ontmoeten, schrijf ik me meteen in voor een groepswandeling via de app MeetUp. Er zijn nog geen andere wandelaars als ik aankom op het verzamelpunt, dus ik verschuil me snel in een van de bushokjes op het verwaarloosde station. Vanaf die plek heb ik goed uitzicht op de ingang en kan ik, als het me niet bevalt, altijd nog in anonimiteit terugtrekken. Idioot eigenlijk, je schrijft je met plezier ergens voor in, kijkt ernaar uit, maar als het moment dan vervolgens aanbreekt, wil je je verstoppen onder een deken en afzeggen. Koudwatervrees.

Tall dark stranger
De ingang van het station vult zich langzaam met mensen in ANWB-outfit: bergschoenen, hoog opgetrokken sokken, crèmekleurige shorts en fluorescerende windjacks. Vanaf mijn schuilplaats sla ik het allemaal gade en blijf ik roerloos zitten. Maar dan passeert er ineens een knappe jongeman in wandelschoenen. Hij staat stil voor mijn bushokje en kijkt vragend om zich heen. Die hoort er ook bij, denk ik. Hij ziet er goed uit. Lang, donker haar, strak getrimd baardje, smetteloos wit shirt en een open uitstraling. Ik kom uit mijn bushokje. “Ben jij hier ook voor de MeetUp-wandeling?” vraag ik hem. Hij lijkt opgelucht om mij te zien. “Ja, dat klopt! Jij ook?”

We praten over onze ervaringen met MeetUp tot dusver, over het leven in Londen en onze passie voor wandelen. De hele wandeling kletst ik onafgebroken met deze knappe Engelsman en tegen het vallen van de avond eindigen we samen in een pub met een welverdiende pint. Tijdens het wandelen had ik vooral tegen de zijkant van zijn gezicht gepraat, maar nu hij voor me zit, vallen zijn heldere, vriendelijke blauwe ogen en volle donkere wenkbrauwen mij ineens op. Ik weet niet of het de biertjes zijn, of omdat ik hem steeds iets beter leer kennen, maar ik vind deze Londenaar erg interessant.

“Vind je het leuk om nog eens af te spreken?” vraagt hij. Alsof hij mijn gezicht kan aflezen. Ik voel me net een verliefde puber. Dit zou wel eens iets heel leuks kunnen gaan worden. We wisselen telefoonnummers uit op het station en nemen in onze fleecevesten, braaf afscheid van elkaar met een knuffel.

Zonnebrand als romantische smeerolie
Op de eerste officiële date komt hij me netjes ophalen en neemt hij me mee naar Windsor. Was dat niet hét toneel van de Royal Wedding? “Dat is een goed teken, Fran!” appt een vriendin met een smiley. Hij heeft me nog niet gekust, maar het is natuurlijk ook een echte gentleman. Misschien moet ik ‘m even wat aanmoedigen. Ik zet zonnebrandolie in als smeermiddel en vraag hem voor het hek van Windsor Castle of hij even mijn schouders wil insmeren. Zo begint dat tenslotte ook in films:  Je raakt elkaar even aan, het wordt wat ongemakkelijk en dan wordt er gekust… Hij smeert mijn rug netjes in. PUNT. Oké, dit was te subtiel, over naar Plan B.

We lopen een stukje verder en bij de rivier zie ik mijn kans schoon. “Zullen we even op de brug gaan staan?” vraag ik hem. “Mooi uitzicht hè?” Ik draai mijn gezicht naar hem toe en lach breeduit in zijn blauwe ogen. Het moment vóór die eerste kus is altijd spannender dan de kus zelf. Je kijkt elkaar aan, zwijgt en dan weet je dat-ie eraan komt. Voor even is het circus in je lijf en dan hoeft alleen een van de twee dichterbij komen, om die stap ook echt zetten. Maar door die ene blik is al bepaald dát het gaat gebeuren. Het werkt. Mission accomplished!

“Ik heb een grote glimlach op mijn gezicht”, appt hij me na afloop. Ik antwoord met een bevestigende reeks aan smileys terug. We plannen snel een nieuwe date; volgend weekend gaan we weer wandelen met een groep. Dit gaat lekker! Ik ben nog geen twee weken in Londen en heb nu al leuke Briton aan de haak geslagen. Boven verwachting.

Rules don’t apply
“Niet gelijk er bovenop zitten hè Fran, laat hem maar even het werk doen. Hard to get spelen, want je bent superleuk en daar mag HIJ moeite voor doen.” Een ongeschreven regel waar ik nog even haarfijn aan herinnerd word door een vriendin. Ik kan me er alleen niet zo goed aan houden. Misschien ben ik meer een jager. Hoe onbereikbaarder een man, hoe leuker ik ‘m vind. Ik weersta de verleiding om hem te appen, maar als het eenmaal vrijdag is en ik nog steeds niets van hem heb gehoord, ben ik klaar met het spelletje.

“Hi! Hoe gaat het met je? Heb je een fijne week gehad?” app ik hem. “Morgen zien we elkaar weer bij de wandeling hè? Héél veel zin om je te zien. Zullen we 13.30 uur daar zijn?”

“Nee”, appt hij meteen terug. ‘Ik heb al besloten dat ik niet meer ga wandelen. Ik wil het WK voetbal zien met bier en een afhaalmaaltijd.”

Pardon?! Mijn hart gaat sneller kloppen. Ik moet het nog een paar keer lezen om zeker te stellen wat hij zojuist appte. Was hij sarcastisch, is dit een grapje?

“Haha, nou dat is een goed alternatief”, app ik met een knipoog terug. Misschien heeft hij een slecht gevoel voor humor, en moet ik het spelletje even meespelen. Dit is vast een misverstand.

“Ja, ik hoorde niks meer van je”, plopt het volgende WhatsAppje. “Ik ging er vanuit dat je me niet meer wilde zien. Dus ik heb mijn eigen plan getrokken.”

Oké, dit is de laatste keer dat ik me aan datingregels ga houden, zoveel is duidelijk. Maar dat hij nu besluit om niet meer te gaan wandelen, zonder me iets te laten weten. Dat is niet helemaal volgens het hoffelijke gedrag van de Engelse gentleman waar ik hem voor aanzag. En zegt hij nou echt dat hij liever in zijn eentje voetbal met een afhaalmaaltijd kijkt, dan met mij afspreekt?

Ik geef hem toch nog even het voordeel van de twijfel. “Ik vond het juist hartstikke leuk met je en zoals ik zei, keek ik er heel erg naar uit om je weer te zien!” app ik hem terug. “Als je twijfelde of ik je nog wilde zien, waarom heb je dat niet gewoon gevraagd?”

“Sorry, ik heb dit nog niet verteld,” appt-ie “maar ik ben gediagnostiseerd met relationship anxiety. Ik kan dit niet. Ja, zo zie je maar. Ik ben anders dan je denkt. Succes verder.”

Bindingsangst

Relationship anxiety? Is dat niet hetzelfde als bindingsangst? Kan je daar tegenwoordig voor gediagnosticeerd worden? Ik zie ‘m al zitten bij de huisarts, die hem het ‘slechte nieuws’ moet vertellen. Mijn empathische helft wil hem nog wel geloven, en hem een begripvol berichtje terugsturen. Maar de ratio wint het. Want zeg nou zelf, zou iemand met bindingsangst de hele dag onafgebroken met dezelfde vrouw wandelen en haar vervolgens meenemen naar Windsor, het meest burgerlijke dorp rond Londen? Wat moet dat een kwelling voor hem zijn geweest! Ik krijg spontaan medelijden. Maar, hij eindigt zijn appje niet voor niets met “succes verder”, daarmee is de kous af. Dus ik houd de eer aan mezelf en verwijder hem uit mijn telefoon. “Don’t worry dear, there’s plenty of fish in the sea”, zegt mijn flatmate bemoedigend. NEXT!

Copywriter Frances (35) is nog steeds single, in tegenstelling tot veel van haar vriendinnen. Ze pakt haar koffers en gaat voor een half jaar naar Londen. Voor het populaire vrouwenmagazine V!VA schrijft ze over haar avontuur vol nieuwe vriendschappen, opmerkelijke dates en leerzame confrontaties.

Retourtje Onverrichter Zake

Het is een stralende donderdagmiddag om 12.41 uur. Ik zit in de Intercity Direct van Rotterdam naar Amsterdam Centraal, met een sterke cappuccino en de Volkskrant in de aanslag. Klaar voor een koffiedate met een leuke man. Ik voel lekkere kriebels en heb er zin in.

Krap vijf minuten na vertrek schieten we de Noordtunnel in. En dan staan we abrupt stil. ‘Dames en heren, raakt u niet in paniek!’ roept een conductrice om. Aanvankelijk lees ik ongestoord verder op de voorpagina – als ervaren treinreiziger ben ik immers niet snel onder de indruk van dergelijke opstoppingen. Maar door de woordkeuze van de NS-conductrice kijk ik toch even op. Waarom zou ik in paniek moeten raken?

Weet zij iets wat wij niet (willen) weten?

Of is ze soms bang dat de trein vol claustrofobische reizigers zit? De donkere muren van de tunnel komen ineens wel erg op me af. Een meneer links van mij doet snel zijn sjaal af en trekt de rits van zijn jas open. We geven elkaar een begripvolle glimlach. Twee dames tegenover mij giebelen met elkaar. Ik duik weer terug in mijn krant.

Na een paar lange minuten komt de volgende, niet mis te verstane melding ons ter ore: de trein is stuk, ze krijgen de boel niet meer aan de praat wegens een communicatiestoring. ‘Dit gaat nog even duren, blijft u alstublieft rustig’. Weer die toevoeging over onze gesteldheid.

Ik ben rustig.

Het is inmiddels wel bijna 13.00 uur, dus ik ga te laat komen op mijn afspraakje. Daar baal ik van. Laat ik snel mijn koffiedate op de hoogte brengen, want ik wil tenslotte wel een goede eerste indruk maken op deze Leuke Man. Ik gris mijn mobiel uit mijn tas, swipe naar Facebook Messenger en start een charmeoffensief via de chat. Maar voor ik goed en wel mijn bericht de lucht in kan sturen, zegt mijn scherm:

GEEN NETWERK.

Een paar stoelen verder, zie ik een vrouw krampachtig haar mobiel tegen het raam duwen. Ze schuift ‘m van links naar rechts en van onder naar boven langs het raam, maar aan haar gezicht kan ik aflezen dat ze hiermee niet het gewenste resultaat bereikt. Er wordt gezucht en gesteund in de coupe, maar ook gelachen. Ik sta intuïtief op om naar een andere coupe te lopen, misschien heb ik daar wel bereik. Tevergeefs plof ik neer in een van de andere stoelen. In de naïeve veronderstelling dat alleen het internet eruit ligt, ga ik snel op zoek naar een manier om het telefoonnummer van de Leuke Man te achterhalen, want dan kan ik hem in elk geval even bellen of sms’en dat ik te laat ben. Voortaan van tevoren telefoonnummers uitwisselen.

Gelukkig weet ik nog wel iemand die zijn nummer heeft. Snel bel ik haar op. Maar het is stil aan de overkant. Geen kiestoon. Geen Service. Doodlopend spoor. ‘Dames en heren, u heeft gemerkt dat wij nog steeds stil staan …,’

JA, MENS!  Wat denk je zelf?!

‘Maar we hebben goed nieuws voor u!’ zegt de NS-omroepster enthousiast. De machinist is ondertussen blijkbaar naar de andere kant van de trein gestormd en daar hebben ze nog wel contact kunnen maken met het systeem. We kunnen we spoedig weer terug naar Rotterdam Centraal, zo horen we. Het gaat al met al niet langer dan vijf minuten duren, verzekerd ze ons. Het is rond 13.15 uur, dus dat betekent dat ik, zodra we de tunnel uit zijn, direct kan appen en er hopelijk nog niet teveel schade is geleden in Amsterdam.

Maar om 13.45 uur zijn we nog geen stap verder. Radiostilte. Mijn gedachte gaat uit naar de Leuke Man in 020, die nu al minstens 15 minuten in het ongewisse in zijn koffie roert. Wat zal hij denken? Hoe vaak heeft hij naar de deur gekeken, waar ik blijf? Zal hij al geprobeerd hebben om mij te appen? Heeft hij al een negatieve mening over mij gevormd?

Schiet op met die trein!

Het heeft natuurlijk NUL zin om me hier over op te winden, we gaan er geen seconde eerder mee thuiskomen. Maar waarom hebben ze hier geen noodnetwerk? Ik bevind me misschien niet in een levensbedreigende situatie, maar kom op! Dit is 2017 mensen. Confronterend, maar ik kan niet zonder telefoon.

Wat zou hier nog meer in de soep lopen, vraag ik me af. Die man in het pak met z’n aktetas, zou hij een sollicitatiegesprek of een andere belangrijke zakelijke afspraak mislopen? En dat stel met de koffers, zien die hun vlucht naar een langverwachte vakantie straks in rook opgaan? En wat te denken van al die arme mensen aan de andere kant van dit verhaal, die gedupeerd raken omdat tientallen zielen in de trein met geen mogelijkheid te bereiken zijn.

Wie weet slaat er ergens blinde paniek uit.

Het is 14.15 uur en ik ben inmiddels geïmplodeerd. Mijn date is nu wel ruim verkeken, ik sta op de zwarte lijst.

Het wordt hoog tijd om me te mengen in lotgenotencontact, zodat we de boel nog een beetje draaglijk kunnen maken. Halverwege een volgende coupe zie ik ineens een oude bekende zitten: Jochem. Het perfecte gezelschap in barre tijden. Want altijd vrolijk, heerlijk relativerend en vooral niet te serieus. Dat moeten we hebben. Hij heeft uiteraard al de nodige vrienden in nood gemaakt, en stelt me aan ze voor. Zo vliegt de volgende drie kwartier gekscherend snel om in gezelligheid. Ik luister niet meer naar alle omroepen die volgen, want hoe zeer al het personeel ook zijn best doet, er is nog steeds geen licht aan het einde van de tunnel. De 15.00 uur is inmiddels aangetikt. Mijn frustratiemeter heeft het kookpunt bereikt.

Er is natuurlijk echt geen man overboord door mijn afwezigheid.

Maar het neemt niet weg dat ik zwaar baal. Dankzij mijn nieuwe gezelschap ben ik in elk geval wel weer een beetje melig geworden.

En dan verwittigt de conductrice ons om allemaal op te staan en te evacueren naar een andere trein die ons uit de brand gaat helpen. Een aantal helden in neon gele jasjes en dito helm bieden ons een helpende hand om uit de trein te klimmen en via de nauwe tunnel naar de andere trein te lopen.

Het is 15.26 uur. Bijna drie uur, heel wat gestress en ervaringen later, en een paar illusies armer, keer ik onverrichter zake terug naar Rotterdam. Zodra we tunnel uitrijden, poppen de meldingen van gemiste oproepen en berichtjes binnen. Een appje van de Leuke Man bevat onder andere een link naar een wel heel toepasselijk YouTube-filmpje van BlØf: ‘Ze is er niet’.

Wordt – hopelijk vervolgd

IMG_6681IMG_6683